Alimentatie

Een scheiding raakt betrokkenen direct in financiele zin. Van een gezamenlijk inkomen waar het huishouden van wordt betaald kom je in een situatie dat er twee huishoudens zijn. Het inkomen van de beide ex-partners blijft gelijk. Kortom met eenzelfde totaal inkomen moeten ineens twee huishoudens worden gerund.

De financiële gevolgen van een scheiding leidt vaak tot discussie. De betalende partij vindt dat hij/zij teveel moeten betalen en de ontvangende partij vindt dat hij/zij te weinig krijgt.   

In de dagelijkse praktijk zijn de begrippen kinder- en partneralimentatie gemeengoed. In het burgerlijke wetboek komen deze begrippen echter niet voor.

Kinderalimentatie wordt in het burgerlijk wetboek gedefinieerd als een bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van minderjarige kinderen. En als een bijdrage in de kosten van levensonderhoud en studie van jongmeerderjarige kinderen. (18-21 jaar)

Partneralimentatie is in het burgerlijk wetboek “een bijdrage in de kosten van levensonderhoud”.

Hoe worden die onderhoudsbijdragen, alimentatie dus, nu vastgesteld? Wie bepaalt dit?

Zo’n 40 jaar geleden is er door de Nederlandse Vereniging voor de Rechtspraak een zogenaamde Expertgroep Alimentatienormen aangesteld. De opdracht en doelstelling van deze expertgroep is het maken van uniforme richtlijnen voor het vaststellen van de onderhoudsbijdragen/alimentatie. Hiermee werd beoogd dat de rechtbank in Zeeland een alimentatie volgens dezelfde richtlijnen zou gaan vaststellen dan een rechtbank in Friesland. De Expertgroep Alimentatienormen publiceert anno 2020 nog steeds elk jaar een geactualiseerde rapport inzake de te hanteren richtlijnen.

U leest het goed, er is sprake van een richtlijn en dat is iets anders dan een norm. Wanneer er sprake is van een norm dan doet dat vermoeden dat er sprake is van een recht. Dat is geenszins het geval. Concreet aan een zogenaamde Trema-norm berekening kunnen geen rechten worden ontleend.

Meest belangrijke bij het vaststellen van de onderhousdbijdragen is het vaststellen van de “behoefte” van de onderhoudsgerechtigde/ontvanger en het vaststellen van de “draagkracht” van de onderhoudsplichtige/betaler. 

 

Kinderalimentatie of Kinderkostenrekening

Wanneer er kinderalimentatie is vastgesteld dan betekent dit dat de ontvangende ouder naast de kosten van verblijf en dagelijkse verzorging ook alle overige kosten voor zijn/haar rekening neemt. Dus de kosten van kleding, abonnementen, contributies, feestjes etc etc. Er zijn ook kosten die buiten de kinderalimentatie vallen, zoals bijvoorbeeld niet vergoedde ziektekosten, een nieuwe fiets, een werkweek/schoolkamp etc. De ouders zullen over verdeling van die kosten ook afspraken moeten gaan maken.

In plaats van kinderalimentatie zou je ook kunnen denken aan een zogenaamde kinderrekening. Dit is een rekening die wordt beheerd door beide ouders en die wordt gebruikt voor alle kosten die buiten de kosten van verblijf (wonen) en dagelijkse verzorging vallen. Veel ouders hebben voldoende draagkracht om de kosten van zorg- en verblijf in hun eigen huishouding te voldoen. De ouders storten dan naar rato van hun inkomen (draagkracht) maandelijks een bedrag op die kinderrekening. (eventueel worden ook de te ontvangen toeslagen op die rekening gestort) Het gebruik van zo’n kinderrekening leidt er toe dat er meer inzicht en begrip is voor alle kosten die gemaakt worden voor de kinderen. Bij een kinderrekening bepalen de ouders dus volledig zelf hoeveel ze op de rekening storten. Wanneer dit teveel of te weinig blijkt te zijn kan het eenvoudig bijgesteld worden, beiden hebben direct zicht op de geldstromen dus waarschijnlijk minder discussie.     

 

Trema-normen of Maatwerk

Wil je een berekening op basis van de zogenaamde Trema norm (de berekening zoals de rechtbank die maakt) of wil je maatwerk waarbij er met name gekeken wordt naar het realiseren van een voor beiden acceptabel besteedbaar inkomen.